Zinsdeelontleding: BWB en NWG Exercise

Zinsdeelontleding: BWB en NWG

5 views 0 saves NL
Send as Assignment Host live session
Zinsdeelontleding: BWB en NWG

Oefen met het ontleden van zinnen waarin je bijwoordelijke bepalingen en naamwoordelijke gezegdes benoemt.

Questions

  1. MultiChoice

    Welk zinsdeel noem je ook wel de BWB?

  2. MultiChoice

    Welk zinsdeel noem je ook wel het NWG?

  3. MultiChoice

    Een BWB antwoordt op vragen zoals:

  4. MultiChoice

    Het NWG bestaat altijd uit ten minste:

  5. MultiChoice

    Kan een BWB uit meer dan één woord bestaan?

  6. MultiChoice

    Zin: 'De leraar legt het rustig uit.' Is 'rustig' een BWB of een NWG?

  7. MultiChoice

    Zin: 'De leraar is erg rustig.' Is 'erg rustig' onderdeel van BWB of NWG?

  8. MultiChoice

    Waaraan herken je het naamwoordelijk deel?

  9. MultiChoice

    Kan een zin een NWG én een BWB hebben?

  10. MultiChoice

    Zin: 'Snel werd de kamer donker.' Wat is 'Snel'?

  11. MultiChoice

    Zin: 'Snel werd de kamer donker.' Wat is 'donker'?

  12. MultiChoice

    Welk zinsdeel geeft informatie over de omstandigheden?