Signaalwoorden: Reden en Argument Exercise

Signaalwoorden: Reden en Argument

2 views 0 saves NL
Send as Assignment Host live session
Signaalwoorden: Reden en Argument

Oefen met het herkennen van signaalwoorden die een reden of argument aangeven. Zo begrijp je beter waarom iemand iets vindt of doet.

Questions

  1. MultiChoice

    Welk signaalwoord geeft een REDEN aan?

  2. MultiChoice

    'Ik ga vroeg naar bed, ... ik ben erg moe.' Welk woord past?

  3. MultiChoice

    Welk signaalwoord kondigt een ARGUMENT aan?

  4. MultiChoice

    'Hij kwam te laat ... zijn wekker niet afging.'

  5. MultiChoice

    Welk signaalwoord geeft GEEN reden aan?

  6. MultiChoice

    'We moeten meer bewegen. ... is sporten gezond.'

  7. MultiChoice

    Bij een reden heeft iemand zelf een ... gemaakt.

  8. MultiChoice

    'Aangezien het regent, blijven we binnen.' Wat is de reden?

  9. MultiChoice

    Welk woord geeft aan waarom iemand iets DOET?

  10. MultiChoice

    'Ik koop dit boek ... ik van spanning houd.'

  11. MultiChoice

    Welk signaalwoord past het best bij een onderbouwing?

  12. MultiChoice

    'Zij traint dagelijks, ... ze wil de race winnen.'