12. Meerwoordige onderwerpen & Persoonsvorm
Oefen het spellen van de persoonsvorm bij onderwerpen die uit meerdere woorden bestaan in de tegenwoordige tijd.
Questions
-
MultiChoice
Vul in: De meester en de juf ... naar school. (fietsen)
-
MultiChoice
Vul in: De groep kinderen ... buiten. (spelen)
-
MultiChoice
Vul in: Mijn broer en ik ... de hond. (vinden)
-
MultiChoice
Vul in: Een van de spelers ... gewisseld. (worden)
-
MultiChoice
Vul in: De koper en verkoper ... samen. (bieden)
-
MultiChoice
Vul in: Een van mijn vrienden ... weg. (lopen)
-
MultiChoice
Vul in: Bram en Daan ... samen. (antwoorden)
-
MultiChoice
Vul in: Mijn vader en moeder ... op het bankje. (zitten)
-
MultiChoice
Vul in: De auto van de buren ... erg hard. (rijden)
-
MultiChoice
Vul in: Zowel Jan als Piet ... op de bus. (wachten)
-
MultiChoice
Vul in: Een van de leerlingen ... te hard. (praten)
-
MultiChoice
Vul in: De omstanders ... het konijn. (redden)