Form 12: Breuken in context (Deel 1)
Questions
-
MultiChoice
Jan eet 2 kwarten van een pizza. Hoeveel van de pizza eet hij?
-
MultiChoice
Een taart is in 8 gelijke stukken gesneden. Lisa eet 2 stukken. Welk deel is dat?
-
MultiChoice
Sam eet 4 achtsten van een pannenkoek. Welke breuk is dat?
-
MultiChoice
Er is nog 1/4 cake over. Welk deel is al opgegeten?
-
MultiChoice
Een reep chocolade heeft 8 blokjes. Tim eet 3 blokjes. Welk deel blijft over?
-
MultiChoice
Een appel wordt in kwarten gesneden. Hoeveel kinderen krijgen 1 kwart?
-
MultiChoice
Een melon wordt in achtsten gesneden. Hoeveel kinderen krijgen 1/8 stuk?
-
MultiChoice
Snoeppot A heeft 6 achtste taart, pot B 3 kwart. Wie heeft meer taart?
-
MultiChoice
Eva heeft 3/8 pizza en eet 2/8 op. Hoeveel houdt ze over?
-
MultiChoice
In een fles zit 1/2 liter melk. Je giet er 1/4 liter bij. Hoeveel zit erin?
-
MultiChoice
Er is 3/4 liter sap. Je drinkt 1/2 liter op. Hoeveel blijft over?
-
MultiChoice
Ben eet 2/4 van een reep en Daan eet 4/8 van dezelfde reep. Samen eten zij: