Onderwerp bij verschillende werkwoorden
Questions
-
MultiChoice
Wat is het onderwerp in: 'Morgen reizen wij naar Spanje.'?
-
MultiChoice
Wat is het onderwerp in: 'Gisteren zwommen de kinderen in de zee.'?
-
MultiChoice
Wat is het onderwerp in: 'Aandachtig luistert de klas naar de juf.'?
-
MultiChoice
Wat is het onderwerp in: 'In het museum bekijken bezoekers een schilderij.'?
-
MultiChoice
Wat is het onderwerp in: 'Blij verrast ontvingen mijn ouders een cadeau.'?
-
MultiChoice
Wat is het onderwerp in: 'Rustig slaapt de baby in haar wieg.'?
-
MultiChoice
Wat is het onderwerp in: 'Tijdens de storm woei het dak eraf.'?
-
MultiChoice
Wat is het onderwerp in: 'Vrolijk huppelen de konijnen door het gras.'?
-
MultiChoice
Wat is het onderwerp in: 'Elke ochtend bakt de bakker verse broodjes.'?
-
MultiChoice
Wat is het onderwerp in: 'Langzaam kruipt de slak over het blad.'?
-
MultiChoice
Wat is het onderwerp in: 'Binnenkort vieren wij het schoolfeest.'?
-
MultiChoice
Wat is het onderwerp in: 'Met grote ogen keek het uiltje rond.'?