Vraagzin of Uitroepzin? Exercise

Vraagzin of Uitroepzin?

2 views 0 saves NL
Send as Assignment Host live session
Vraagzin of Uitroepzin?

Oefen met het herkennen van het verschil tussen een vraagzin en een uitroepzin. Kies het passende leesteken bij de zin.

Questions

  1. MultiChoice

    Wat voor zin is dit: 'Waar is mijn jas?'

  2. MultiChoice

    Wat voor zin is dit: 'Kijk uit voor die tak!'

  3. MultiChoice

    Wat voor zin is dit: 'Hoeveel kost dit ijsje?'

  4. MultiChoice

    Wat voor zin is dit: 'Stop meteen met rennen!'

  5. MultiChoice

    Wat voor zin is dit: 'Ga je mee naar de bibliotheek?'

  6. MultiChoice

    Wat voor zin is dit: 'Wat een heerlijke taart!'

  7. MultiChoice

    Wat voor zin is dit: 'Wie heeft de bal gepakt?'

  8. MultiChoice

    Wat voor zin is dit: 'Auw, mijn voet doet zeer!'

  9. MultiChoice

    Wat voor zin is dit: 'Kun jij dit al lezen?'

  10. MultiChoice

    Wat voor zin is dit: 'Wat fantastisch nieuws!'

  11. MultiChoice

    Wat voor zin is dit: 'Wanneer gaan we eten?'

  12. MultiChoice

    Wat voor zin is dit: 'Pas goed op jezelf!'